Wie is deze Henrick Spee?

Henrick Spee in 1441

Henrick Spee is onze vroegste burgerlijke Spee, we komen hem tegen in 1441 in een thynslegger van het Huis Kessel. De heer van Kessel had veel grond niet alleen in Kessel maar ook in Baarlo, Blerick en elders. De grond werd bewerkt, oorspronkelijk door lijfeigenen, nu door inmiddels redelijk vrij geworden boeren, hoewel nog steeds economisch gebonden aan de grondheer. Zij moeten een deel van de opbrengst, in deze streek vaak cyns of thyns genoemd, afstaan aan de grondheer. Henrick is dus cijnsman, of laet, zoals ze ook wel genoemd werden.In de thynslegger lezen we:

Henrick Spee en Lysbeth hr. Arnts dochter 1 hoen van huys ende hoeve, van 1 morgen dat uyter monnicken guet koeme is en laegt byder gemeyne stege inden Staldijck en dat vurss guet sall aen oure beyder kinder bliven.                                                                                                                                                                                                       

      

Erftyns bij de heer van Kessel

Hier vallen toch wel enkele dingen op. Zo kwam het in die tijd niet vaak voor dat je zoveel gegevens in een thynslegger vindt. Meestal staat er maar de naam, de thyns, en de ligging van de grond. Maar nu lezen we ook dat hij getrouwd is met Lysbeth, de dochter van heer Arnt en dat hij twee kinderen heeft waarvoor hij wil dat ze na zijn overlijden de grond mogen houden. Hij wil dus erfthyns. Nu kwam dat toen al wel wat vaker voor, maar eerder als gunst dan als eis.

 

Lysbeth heer Arntsdochter

Henrick Spee blijkt getrouwd met Lysbeth heer Arntsdochter. Het woord heer heeft niet de betekenis van heer van een heerlijkheid, maar was de gebruikelijke vermelding bij een pastoor of andere geestelijke.

 

Grond van de Monnekyenhof

Bijzonder is ook dat Henrick hoewel nieuwkomer, want in oudere stukken van Huis Kessel komt hij niet voor, thynsgrond krijgt. Bewerkbare grond toen was schaars. Als er al eens grond vrij viel gingen de eigen laeten van de grondheer voor. Henrick had kennelijk een streepje voor. Woeste gronden waren er in overvloed maar die waren van de landsheer, in dit geval de hertog. Met tussenposen, als de hertog geld nodig had, gaf hij grond uit voor `nieuwe erven`.

Het grote goed de Monnekyenhof is eigendom van het klooster Marienweerd bij Beesd in de Betuwe. Het klooster had in de loop van de eeuwen een aanzienlijk grondgebied verzameld, waaronder dus ook de Monnekyenhof in Baarlo. Leiding heeft de halfman Jan Kuykman getrouwd met Lysbeth. Als halfman is de helft van de opbrengst van de hof voor hem. Hij boert goed en heeft ook een behoorlijk aantal cijnsgronden weten te verwerven. Bij de hof is een deftig huis voor de kanunniken die er regelmatig wonen, voor de administratie en de controle. Kanunniken zijn vaak van goede komaf en hebben meestal alleen de lagere wijdingen ontvangen. Het zou interessant zijn na te gaan of er in die tijd ook een Arnt kanunnik was, zeker in combinatie met de naam Lysbeth van de vrouw van Jan Kuykman. Probleem is dat het moederklooster bij Beesd, bij de Gelderse oorlogen een aantal malen is verwoest en verbrand waardoor veel archiefmateriaal verloren is gegaan.      

Henrick Spee in 1448 beurder bij de Heer van Baarlo

Al in 1448 komen we Henrick Spee opnieuw tegen nu als beurder bij Van Montfort de Heer van Baarlo. Dit is opvallend want het was heel ongewoon iemand tot beurder aan te stellen die laet was bij een andere heer. Vaak fungeerde de pastoor als beuradres. Want de beurder moest kunnen lezen, schrijven wat toen niet zo vaak voorkwam. Dus weten we nu dat Henrick kon lezen en schrijven, toch wel ongewoon in die tijd voor een meestal ongeletterde cijnsman. Beurder zijn was aantrekkelijk. Het bracht aanzien mee en een financiële vergoeding. Altijd welkom in een tijd waarin geld schaars was.

 

Henrick Spee in 1480 laet bij de laetbank van de Heer van Kessel

We komen Henrick weer tegen in 1480 maar nu als laet aan de laethof van Huis Kessel. Een laethof is de eigen administratie van een grondheer. Hier wordt bijgehouden wie welke grond in gebruik heeft en tegen welke thyns. Overdrachten van grond bij overlijden van de thynsman of verkoop door de grondheer gebeurt voor de schepenbank, de laet treedt daarbij op als getuige. Een benoeming tot laet ging vaak samen met de benoeming tot schepen. Beide benoemingen zijn levenslang. Omdat bronnen uit die tijd ontbreken is het niet vast te stellen wanneer de benoeming van Henrick is ingegaan. Laet bij een laetbank en schepen bij een schepenbank, opnieuw aanzien en een financiële vergoeding en dat levenslang.

 

 

Wijnand Spede

Nu weten we ook uit oorkonden die zijn overgeleverd, dat in die tijd de adellijke Wijnand Spede actief was in Baarlo waar hij samen met de Heer van Broeckhuysen in 1429 en later met de Heer van Bree getuigen verklaringen opneemt over het gebruik van de molen van de Rynckevoirthof onder Baarlo Bij een van de oorkonden heeft het zegel van Wynand de tand des tijds doorstaan. Goed zichtbaar is de naar links tredende haan van de tak Spede van Langevelt en zijn naam Wynandus Spe. De namen Spede, Spee, Spe, Spey en nog meer varianten werden door elkaar gebruikt. Op de zegelring dus Spe. Nu was deze Wynand Spe verloofd    

met Jacoba van Montfort, dochter van Egbert van Montfort, heer van Baarlo. Zij zouden in 1450 trouwen. Mogelijk heeft Wynand Henrick gekend en een heeft hij een goed woordje voor hem gedaan bij zijn schoonvader.

 

 

Arnt Spee pastoor van Baarlo

Opvallend was ook de benoeming tot pastoor van Baarlo van Arnt Spee. Niet veel later. in 1549, is hij biechtvader van Gerit van Kessel genant Roffaert ld van de adellijke familie van Kessel en bewoner van het Huis de Roffaert. Mogelijk was deze Arnt Spee niet de zoon van Henrick maar een kleinzoon. Nu was een van de rechten van de heren van Kessel, het recht om de pastoor van Baarlo te benoemen.. Heel lang werden daar leden van het adellijke geslacht Van Kessel benoemd tot pastoor. 

Er was geen pastorie in Baarlo want de adellijke pastoors woonden in het voorname stenen huis van de Soeterbeckerhof, bezit van de heren van Kessel. In veel plattelands parochies was

het gebruikkelijk dat de pastoor zijn opvolger opleidde. In dit geval was dit dus niet opnieuw een lid van de adellijke familie Van Kessel, maar de burgerlijke Arnt Spee.

Overigens werd tijdens het concilie van Trente dat in 1542 startte en dat bijna 20 jaar duurde ook vastgelegd dat de opleiding van priesters een verantwoordelijkheid was van de bisschop en moest voldoen aan pastorale kerkelijke regels. Het zou nog lang duren voor dit gebod overal werd nageleefd.

 

Concilie van Trente

 

 

Een morganatisch huwelijk?!

Er is dus nogal wat opvallends met deze Henrick Spee. Zijn kennelijk goede contacten met zowel de Heer van Kessel als met de Heer van Baarlo. Hij is nieuw hier, maar toch wordt er grond voor hem vrijgemaakt uit de Monnekyenhof.  Hij kan lezen en schrijven.Mogelijk is er sprake van een morganatisch huwelijk. Dus een huwelijk van iemand van adel met een niet adellijk meisje. Dat was toen een grote schande. De familiebanden werden verbroken en hij komt niet meer voor in de adellijke analen. Toch kwam het ook toen regelmatig voor. Heel anders was de acceptatie van buitenechtelijk relaties De kinderen uit deze relaties werden aangeduid als natuurlijk of bastaard, er werd niet geheimzinnig over gedaan, ze werden erkend, werden begunstigd in de erfenis en bereikten vaak hoge posities

 

Huis Spee Nollen en huis Spee Geerten

De Rijksarchivaris Flament heeft omstreeks 1900 veel onderzoek gedaan in Limburg naar interessante oude bouwwerken. Hij bezocht ook Baarlo en schrijft daarover

In de Maasgouw van 30 juni 1903: Dicht bij den stoommolen aan den Rijksweg staan twee huizen bekend onder den naam van ‘Spee Nollen’ en ‘Spee Geerten’. Beiden huizen waren vroeger deftige hofsteden bewoond door leden van het adellijke geslacht Spee. Het huis van Spee Nollen vertoont inwendig nog een oude boerderij

Omdat de oude archieven van Baarlo grotendeels verloren zijn gegaan is niet meer te achterhalen wanneer die huizen zijn gebouwd en wanneer ze zijn afgebroken. Wel is bekend waar het Huis Spee Nollen stond, en wel direct naast de grond van Hendrick Spee in 1441, de latere Speehof. En, leden van de adellijke Spee hebben nooit in Baarlo gewoond.

De gebeurtenis waarbij de adellijke Henrick Spee trouwde met een burger meisje en daarna verbannen werd, moet in de kleine gemeenschap die Baarlo toen was veel indruk hebben gemaakt . Het is blijven hangen in het dorpsgeheugen en op die manier verbonden met de beide huizen. Waarschijnlijk zijn ze in de 17e eeuw gebouwd door de wel erg snel tot welvaart gekomen bewoners van de Speehof. De naam Geerten is in dat verband niet zoo moeilijk, want de naam Geerten, Geurt kwam in de familie regelmatig voor. De naam Nollen, Arnold, Arnt verwijst naar de biechtvader Arnt Spee, die mogelijk en de bouwheer en de eerste bewoner was van het huis Spee Nollen.

 

Wie was Henrick Spee ?

Het zal, als het allemaal klopt, in die tijd voor een adellijke jongen niet zo makkelijk zijn geweest om een burgerlijk meisje als Lysbeth te leren kennen, ook al was zij van goede huize. Hij moet waarschijnlijk in de buurt hebben gewoond. De meeste adellijke Spee´s woonden ver weg in Geldern of langs de Niers, een rivier die ontspringt bij Erkelenz, nu Duitsland, en met een boog bij Gennep uitkomt in de Maas. Het stroomgebied van de Niers was toen de goudkust van het Overkwartier en van ver daar buiten . Daar hadden ook de adellijke heren Spee van Langevelt hun Huizen en Burchten. Veel van deze heren hadden gronden in de omgeving van Baarlo, maar niet in Baarlo zelf. Zij zullen zich zelden in deze omgeving hebben vertoond, deze zaken regelde de  rentmeester.

 

 

Karel Spee heer van Mirlaer

                                                      

De enige Spee die in de buurt woont is Karel Spede getrouwd met Goda van Mirlaer, erfdochter van Jacob, heer van Mirlaer, nu Meerlo. Na diens overlijden werden Karel en zijn vrouw Goda door de hertog beleend met de heerlijkheid Meerlo en werden zij heer en vrouwe van Meerlo. Karel is de zoon van Sybrecht Spede van Wankem. Karel Spede had vier broers Wynant Spede, die zou trouwen met Jacoba van Montfort, heer van Baarlo, Sybert Spede, Johan Spede en Henrick Spede. Van allen zijn gegevens bekend, maar niet van Henrick. Van Henrick weten we feitelijk niets. Deze Henrick zou de Henrick kunnen zijn die, beneden zijn stand, trouwt met Lysbeth heer Arntdochter. Daarna als straf

   Huis Mirlaer                                                                  weg gestreept uit de annalen van de familie. Meer onderzoek is nodig.                                  

 

 

Wie was Lysbeth heer Arntsdochter ?

Jan Kuykman, halfman op de Monnekijenhof, en zijn vrouw Lysbeth behoren tot de gegoede ingezetenen van Baarlo. Mogelijk dat een dochter een relatie had met een kanunnik van Marienweerd die regelmatig verbleef op de Monnekijenhof. Een daaruit geboren dochter zou, zo was het gebruik, vernoemd worden naar haar grootmoeder Lysbeth, een naam die toen toch niet zo gebruikelijk was. Ook hier is meer onderzoek nodig.

 

 

 

Maak jouw eigen website met JouwWeb